Wanneer iemand hoort dat hij kanker heeft associeert hij dat met het
einde van alles wat hij belangrijk vindt.
Ineens wordt hij geconfronteerd met eindigheid, met zijn eigen sterfelijkheid
en zijn leven stort in.
Daar staat dan die mens, uiterst kwetsbaar, alles wat belangrijk was
is aan het wankelen gebracht. Zijn zekerheden zijn weg.
Op dat moment heeft iemand hulp nodig.
Hulp om hem te laten ervaren dat er naast de buitenwereld nog een binnenwereld
is. Een wereld, waar vanuit hij kracht en steun kan ervaren.
Om die weg naar binnen te gaan is er iemand nodig die helpt de gevoelens
van verdriet, boosheid, onmacht en angst toe te laten, te doorleven en
op te lossen.
En de belangrijkste kracht daartoe is de liefde.
Niet het ongenuanceerde oordeel of de veroordeling van wat zichtbaar
wordt wanneer iemand zijn reis naar binnen maakt, maar onvoorwaardelijke
liefde.
Met behulp daarvan kan iemand langzaam maar zeker zijn angst voor lijden
en de dood ontgiften.
Dan groeit vertrouwen en in het vertrouwen met
zichzelf én die
ander bloeit het leven op, krijgt het leven een andere kwaliteit. Dan
nemen mens zélf weer de verantwoordelijkheid, die ze uit handen
gegeven hadden, voor het eigen genezingsproces en gaan zich anders voelen:
ze zijn geen slachtoffer meer, maar oefenen zelf invloed uit op hun herstel.
Dat dit mogelijk is, en dat er een duidelijk verband bestaat tussen
emoties en lichamelijke reacties bewees Cleve Backster al vijf en twintig
jaar geleden.
Backster, een Amerikaans wetenschapper, verrichtte onderzoek naar communicatie
op cellulair niveau, waarbij hij tot verrassende conclusies kwam. Hij
maakte een kweek van witte bloedlichaampjes uit de mond van een proefpersoon.
De voedingsbodem met de cellen werd vervolgens aangesloten op een encephalograaf.
Op een enkele tientallen kilometers afstand van de cellen, werd de proefpersoon
ondervraagd. Telkens als er een emotioneel onderwerp werd aangeroerd,
reageerden de witte bloedcellen in de voedingsbodem met een elektrische
ontlading.
Deze ontdekking heeft tot inzicht geleid dat cellen een bepaalde vorm
van bewustzijn moeten hebben. Elke cel reageert blijkbaar op een groot
bewustzijnsveld waartoe hij behoort.
Nog boeiender zijn de consequenties, die uit dit verschijnsel voortvloeien
voor de relatie tussen lichaam en geest voor de praktische mogelijkheden
om onze gezondheid te verbeteren.
De resultaten van het onderzoek van Backster wijzen
uit dat we onze cellen kunnen beïnvloeden, zowel negatief als
positief, met gevoelens en gedachten.
Het echtpaar Simonton-Matthews was één
der eersten, die met goed resultaat gebruik maakten van deze wetenschap:
de psycho-immunologie.
Ook in Nederland verwierf dit vakgebied langzaam maar zeker erkenning.
Prof. Ballieux, hoogleraar klinische immunologie
aan de Faculteit Geneeskunde van de rijksuniversiteit te Utrecht ontving
in 1988 de Fedra prijs voor zijn bijdrage aan de immunologie, in het
bijzonder op het gebied van de psycho-immunologie. In het artikel " psychoneuro-immunologie" van
het julinummer 1990 in het blad 'Bio-wetenschappen en maatschappij' dat
geheel gewijd is aan stress, schrijft hij : " Zowel uit de psychotherapie
als uit de psychoneuro-immunologie is bekend dat het gevoel controle
te hebben over de situatie waarin men leeft een belangrijk wapen is om
aan stressfactoren het hoofd te kunnen bieden. Het effect is af te meten
aan het functioneren van het afweersysteem. Dat geldt niet alleen voor
proefdieren maar ook voor de mens. De activiteit van het afweersysteem
is bij mensen die hun situatie onder controle hebben, of denken te hebben,
duidelijk groter dan bij mensen die lijdzaam allerlei belastende omstandigheden
ondergaan"
Mensen met kanker, gebukt onder de stress van de ziekte, zijn uit balans.
En daar kunnen we dan allerlei geleerde theorieën
op loslaten, het beste blijft die mens bij de hand te nemen en met
hem de weg naar binnen te gaan, want wie de reis naar binnen heeft
gemaakt komt diep in zichzelf bij de liefde, de grootste kracht die
er is om de geestelijke balans te herstellen.
Wanneer mensen hun hart openen voor liefde ziet
men mensen langer leven, lijden verzachten en "wonderen" gebeuren.
Vele jaren ervaring in het werken met mensen met
kanker laat zien dat, wanneer de kracht van liefde stroomt in dié mens én
in de bewogenheid van de hulpverlener, op welk gebied dan ook, alles
wat wordt uitgevoerd meer en rijker vruchten draagt.
Wanneer wij de liefde toelaten hoeven we niet zo heel verbaasd te zijn
als er wonderen gebeuren, want liefde is het wonder
Hanneke Westenberg |